Deel 2 ‘Wielrenner Godert de Leeuw wil naar de Olympische Spelen’: Ermelose sportartikelen uit de oude doos

Godert de Leeuw.
Foto: Henk van den Berg (uit het archief van Godert de Leeuw)

In de vijftiende aflevering van de ‘Ermelose sportartikelen uit de oude doos’ het tweede deel van een interview met Godert de Leeuw (donderdag 11 juli 1991). De Ermelose topwielrenner bij de amateurs schreef vele overwinningen op zijn naam, waaronder de Ronde van Ermelo. Klik HIER voor deel 1.

Door Bram Burggraaff.

Godert de Leeuw maakt deel uit van de sterke Teleflex-ploeg, die zowel nationaal als internationaal successen boekt. Eén van Goderts grootste ambities is deel te kunnen nemen aan de Olympische Spelen van 1992 in Barcelona. Zowel op de weg als op de baan zijn er voor hem mogelijkheden.

Zijn er grote financiële belangen binnen het amateurwielrennen?
“Wielrennen is geen goedkope sport, maar als je in een goed gesponsorde ploeg rijdt, heb je veel voordelen. Bij ons is het zo, dat je kleding krijgt, die je aan het einde van het seizoen mag houden. De fiets die je aan het begin van het jaar krijgt, moet je aan het einde van het jaar inleveren of mag je kopen. Door goede uitslagen te rijden, kun je premies krijgen van je sponsor: Criteriums bij de eerste drie, klassiekers bij de eerste vijf. Soms krijg je reiskostenvergoeding wat vooral aantrekkelijk is, als de wedstrijden ver weg zijn. En je prijzengeld, maar dat is natuurlijk afhankelijk van je prestaties.

Wil je er echt iets aan overhouden, dan moet je behoorlijk prijs rijden. In de periode na het Nederlands Kampioenschap mag je zelf wedstrijden rijden, aan criteriums in de buurt kun je dan leuk verdienen. Wielrenners die echt rijk worden in deze sport moet je bij de profs zoeken, dan is je kostje gekocht, als je je tenminste blijft bewijzen.

Naast het wielrennen heb ik een deeltijdbaan bij Datanet, een bedrijf dat samen met Teleflex sponsor is. Mijn werkgever houdt rekening met de wedstrijden en dat is natuurlijk ideaal. Het was een extra aanbieding, als je bij de ploeg aangenomen zou worden en je in het bedrijf past. Ik ben onlangs geslaagd voor mijn assurantie-B diploma en dat is voor mijn maatschappelijke carrière natuurlijk erg belangrijk.’’

Kan het wielrennen zonder sponsoring?
“Wielrenners hebben al sponsors, zolang ze fietsen. Er wordt aan de wielersport behoorlijk aandacht besteed in de media en door de pers. De sponsors krijgen dus veel publiciteit voor het geld dat ze erin steken. Er is een onderzoek gedaan naar het rendement van wielersponsoring. Bijvoorbeeld sinds PDM een wielerploeg sponsort, weet tachtig procent van de Nederlanders wat PDM betekent, daarvoor was dat aanzienlijk minder. Dan is voor zo’n bedrijf het doel bereikt.

Datanet-Teleflex is een bedrijf dat gespecialiseerd is in data- en telecommunicatie, telefoonleidingen aanleggen en dergelijke. Het is een jong, groeiend bedrijf dat naamsbekendheid zoekt en dat probeert het via een goede wielerploeg uit de amateurwereld met een goede P.R. te verkrijgen. De directeur van het bedrijf heeft bewust gewacht met een profploeg, omdat hij eerst wil kijken hoe het bij de amateurs gaat. Bovendien is er bij de amateurs minder negatieve publiciteit en er wordt steeds meer aandacht aan besteed. Bij voetballen weet je na een wedstrijd gezien te hebben soms niet wie de shirtsponsor is, bij de wielersport valt dat wel op. Als er geen sponsors zouden zijn, dan is het wielrennen in wedstrijdverband afgelopen, want deze sport heeft nauwelijks inkomsten van publiek, zoals andere sporten.’’

Zie je jezelf nog eens terugkeren bij je oude wielerploeg De IJsselstreek?
“Bij die vereniging heb ik tot het tweede jaar bij de amateurs gefietst. Ik heb het er altijd naar mijn zin gehad, een leuke vereniging. Toen kreeg ik een uitnodiging van de Teleflexploeg, wat een gastrennersvereniging is. Deze ploeg, die renners uit het hele land trekt, heeft een dusdanig programma in kleding, materiaal en sponsoring dat het voor een topamateur aantrekkelijk is om daarbij te gaan fietsen. We rijden het hele seizoen, van maart tot oktober, wedstrijden: Klassieker en etappekoersen, dat wil zeggen meerdaagse wedstrijden, zowel in Nederland als in het buitenland. Dat geeft je een voorsprong op andere jongens, die dat niet kunnen. Ook de verzorging en begeleiding is ideaal.

De ploeg heeft zestien goede renners, die geselecteerd zijn op hun resultaten en of ze in de ploeg passen. Een terugkeer bij De IJsselstreek sluit ik zeker niet uit. Het is een prima vereniging die op het ogenblik erg actief is. De meeste bestuursleden en renners ken ik. Achteraf heb ik me weleens afgevraagd, of ik te impulsief de beslissing heb genomen om weg te gaan bij De IJsselstreek. Het is natuurlijk leuk om met renners uit de buurt naar de wedstrijden te gaan. De PR bij de vereniging is prima en daar komen sponsors op af, waardoor je bijvoorbeeld een kledingpakket krijgt en vergoedingen met wedstrijden, dat maakt het toch interessanter. Het bestuur is een nieuwe weg ingeslagen, de voorzitter heeft zelf gefietst en fietst nog, dus weet goed wat er te koop is in de wielersport.’’

Wat verwacht je van de Tour de France dit jaar?
“Ik verwacht een mooie Tour de France met verrassingen. Ik volg de Tour altijd heel intensief. Ik denk dat Greg Lemond weer goed gaat presteren. Van de Nederlanders denk ik dat Eric Breukink, Gert-Jan Teunisse en Steven Rooks in de bergen goed zullen rijden en dat Van Poppel en Nijdam in de vlakke etappes voor successen zullen gaan zorgen. Favorieten voor de eindzege zijn voor mij Bugno, Delgado en Lemond. Breukink en Teunisse zijn de grootste kanshebbers bij de Nederlanders.

Je moet drie weken attent rijden, een slecht moment van een concurrent moet direct worden afgestraft, want omgekeerd gebeurt hetzelfde. Als eventueel een Nederlander de Tour de France wint, dat gaat hij daarna criteriums rijden in Nederland. Dan zorg ik wel als amateur dezelfde wedstrijden te gaan rijden. Een uur voor de grote wedstrijd is er al veel publiek, zodat je ook wat van die sfeer meepikt.’’

Reacties

X

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief
Aanmelden