
"Iets voor een ander doen of betekenen is de rode draad in mijn leven." Dit zegt Karin Bloemendal in antwoord op de vraag wat haar drive is om voorzitter te worden van de Wmo-adviesraad Ermelo. Karin volgt Arno Goessen op die per 1 juli het voorzitterschap overdraagt vanwege het bereiken van zijn zittingstermijn.
De Wmo-adviesraad geeft het college gevraagd en ongevraagd advies over alle onderwerpen die met de Wet maatschappelijk ondersteuning (Wmo) te maken hebben. Met de verschuiving van taken op het gebied van zorg, jeugd en inkomen van het Rijk naar gemeenten vervult de Wmo-adviesraad een belangrijke adviserende taak over de vraag hoe de gemeente invulling geeft aan de Wmo en de daarmee samenhangende decentralisaties.
De Wmo-adviesraad bestaat uit vrijwilligers, die benoemd zijn vanwege hun kennis van en/of affiniteit met een bepaalde groep kwetsbare inwoners van Ermelo.
Met de paplepel ingegoten
Karin vervolgt: "Ik ben opgegroeid in een gezin waarin het normaal was dat je je inzette voor de samenleving en verantwoordelijkheid nam. Mijn ouders waren actief betrokken in de kerk en school en deden bezoekwerk bij ouderen of blinden en slechtzienden. Deze maatschappelijke betrokkenheid is mij met de paplepel in gegoten en hoort ook bij mij.
Dat is de reden ooit geweest om te gaan werken in de zorg, om actief te worden in het CDA, naast mijn werk als raadslid actief te zijn en nu te kiezen voor de Wmo-adviesraad. Als raadslid was ik verantwoordelijk voor de portefeuille Samenleving. Belangrijk voor mij in de raad, maar ook nu als voorzitter van de Wmo-adviesraad is het feit dat we als overheid juist voor die mensen, die in het huidige tijdsgewricht tussen wal en schip raken, onze verantwoordelijkheid blijven nemen.
Deze tijd van individualisme vraagt dat mensen zo lang mogelijk voor zichzelf zorgen en in hun eigen omgeving zoeken naar mogelijkheden met mantelzorg, familie en vrijwilligers . De lokale overheid heeft hierin een ondersteunende faciliterende rol. Daarbinnen vraagt het wat mij betreft grote zorgvuldigheid om te zorgen dat wat iemand echt nodig heeft wel gedaan kan worden."
Wat wil je met de WMO adviesraad bereiken?
"Als voorzitter van de WMO adviesraad vind ik het belangrijk dat niet de overheidsfinanciën bepalend zijn voor wat er nodig is voor inwoners van Ermelo, maar dat er steeds uit wordt gegaan van de hulpvraag die iemand heeft. Dat vanuit die hulpvraag met de betrokkenen in zijn of haar omgeving wordt gekeken wie kan helpen en dat iemand deel kan blijven nemen aan en zich onderdeel voelt van de Ermelose samenleving.
Bijvoorbeeld een ouder echtpaar dat voorheen in het verzorgingshuis werd verzorgd woont nu langer thuis. Daarbij moet niet alleen de professionele zorg worden geboden. Het gaat er dan juist om dat er contact is met anderen, dat in dit geval het echtpaar niet overbelast raakt in het zorgen voor elkaar en dat er mensen zijn die naar hen omzien. Dat vraagt een andere opstelling van professionals.
Bijdragen aan een vitaal Ermelo
Naast het bieden van professionele hulp kijken ze ook wie in de nabije omgeving dit echtpaar kan helpen en van welke voorzieningen ze gebruik kunnen maken. Dat vraagt van de gemeente dat zij onafhankelijk inspeelt op wat er nodig is in Ermelo en niet alleen op het gebied van zorg, maar ook in allerlei voorzieningen in de buurt, bij verenigingen of in de fysieke omgeving. Van de inwoners van Ermelo vraagt het samen met elkaar de schouders er onder te zetten. Als voorzitter van de Wmo-adviesraad wil ik graag mijn bijdrage leveren aan dit proces en zo een bijdrage leveren aan Ermelo als vitale gemeenschap.
Dit doe ik niet alleen, dit doen we als Wmo-adviesraad samen. De leden vertegenwoordigen verschillende kwetsbare groepen in de Ermelose samenleving. Het zijn betrokken mensen die weten hoe het is om te leven met een beperking vanuit hun eigen ervaring of functie en dus als geen ander kunnen meedenken over de vraag wat er nodig is en daar gevraagd en ongevraagd advies over kunnen geven."